Statuten

Statuten Stichting Dushi Vriend

AFSCHRIFT
Oprichting Stichting Dushi Vriend
d.d. 5 juli 2013

Oprichting Stichting
(Stichting Dushi Vriend)

Heden, vijf juli tweeduizend dertien, verschenen voor mij, mr. Ronaldus Henricus Sengers, notaris met plaats van vestiging de gemeente Haarlemmermeer:

  1. mevrouw HELEN ANTONETTA PAULIEN LE ROY, wonende te 3769 JC Soesterberg (gemeente Soest), Oude Tempellaan 48, geboren te Zeist op zeven januari negentienhonderd achtenveertig, zich legitimerende aan de hand van haar paspoort met kenmerk NTCFC4088, afgegeven te Soest op zeventien mei tweeduizend tien, gehuwd met de heer Lucio Francesco Longo;
  2. mevrouw Jonkvrouw VERONICA QUARLES VAN UFFORD, wonende te 3941 XM Doorn (gemeente Utrechtse Heuvelrug), Oude Arnhemse Bovenweg 1, geboren te 'sGravenhage op zeven februari negentienhonderd zevenenveertig, zich legitimerende aan de hand van haar paspoort met kenmerk NSRFP60J6, afgegeven te UtrechtseHeuvelrug op achtentwintig januari tweeduizend negen, gehuwd met de heer Roeland Everwijn.

De comparanten verklaarden bij deze akte een stichting op te richten, hierna ook te noemen "de stichting", en daarvoor de navolgende statuten vast te stellen:

Naam en Zetel
Artikel 1

  1. De stichting draagt de naam: Stichting Dushi Vriend.
  2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Soest.

Doel
Artikel 2

  1. De stichting heeft ten doel:
    a. Het financieel en op alle andere mogelijke manieren ondersteunen van de Dushi Huizen, in welke huizen kinderen die in een achterstandspositie verkeren worden opgevangen;
    b. het verrichten van alle verdere handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn.
  2. De stichting tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door:
    a. het organiseren van een groep mensen ("vrienden") die de pijlers van de Dushi Huizen een warm hart toedragen en willen ondersteunen;
    b. het inzamelen van donaties voor de pijlers van de Dushi Huizen;
    c. alle andere wettelijk toegestane manieren.
  3. De stichting heeft geen winstoogmerk.

De stichting zal een aanvraag doen voor aanwijzing als een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) dan wel een Sociaal Belang Behartigende Instelling (SBBI) en zal de daarvoor vereiste voorwaarden in acht nemen, te weten: zich voor minstens negentig procent (90%) inzetten voor het algemeen belang;

  • de stichting en de mensen die daarbij rechtstreeks betrokken zijn, voldoen aan de integriteitseisen, te weten dat de stichting en de mensen die daar rechtstreeks bij betrokken zijn niet mogen aanzetten tot haat of het gebruik van geweld en bestuurders, leidinggevenden en gezichtsbepalende personen (zoals leden van de raad van aanbeveling) mogen in de afgelopen vier jaar voorafgaand aan de aanvraag niet zijn veroordeeld;
  • een natuurlijk persoon of rechtspersoon in de functie van bestuurder en/of  beleidsbepaler mag niet over het vermogen van de stichting beschikken alsof het zijn eigen vermogen is; de stichting dient onafhankelijk te zijn van donateurs en begunstigden;
  • de stichting mag niet meer vermogen aanhouden dan redelijkerwijs nodig is voor het werk voor het doel van de stichting;
  • bestuurders of leden van de raad van aanbeveling mogen alleen een vergoeding voor gemaakte onkosten ontvangen; ook mogen zij vacatiegeld ontvangen dat niet bovenmatig is;
  • de stichting moet een actueel beleidsplan hebben;
  • de stichting heeft een redelijke verhouding tussen kosten en bestedingen;
  • geld dat na opheffing of liquidatie overblijft moet worden besteed aan een doel dat het algemeen belang dient;
  • de stichting moet verplicht een administratie voeren waaruit blijkt:
    I. welke bedragen er per bestuurder aan onkostenvergoeding en vacatiegelden zijn betaaId;
    II. welke kosten de stichting heeft gemaakt;
    III. wat de aard en omvang van de inkomsten en het vermogen van de stichtingzijn;
  • dan wel aan aanvullende voorwaarden voldoen die in het kader van een zodanige aanwijzing worden gesteld.

Bestuur: samenstelling, wijze van benoemen.
Artikel 3

  1. Het bestuur van de stichting bestaat uit een door het bestuur vast te stellen aantal van ten minste drie bestuurders en ten hoogste zeven bestuurders. Tot bestuurders kunnen uitsluitend natuurlijke personen worden benoemd.
  2. De bestuurders worden benoemd en geschorst door het bestuur. In vacatures moetzo spoedig mogelijk worden voorzien.
  3. De voorzitter, secretaris en penningmeester worden in functie benoemd. De functies van secretaris en penningmeester kunnen door één persoon worden vervuld.
  4. De bestuurders worden benoemd voor een periode van vier jaar. Zij treden af volgens een door het bestuur op te maken rooster. Een volgens het rooster afgetreden bestuurder is onmiddellijk en onbeperkt herbenoembaar. De in een tussentijdse vacature benoemde bestuurder neemt op het rooster van aftreden de plaats in van degene in wiens vacature hij werd benoemd.
  5. In geval van één of meer vacatures in het bestuur behoudt het bestuur zijn bevoegdheden.
  6. De bestuurders ontvangen geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten.

Bestuur: taak en bevoegdheden
Artikel 4

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
  2. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, mits het besluit wordt genomen met algemene stemmen van alle in functie zijnde bestuurders.
  3. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt, mits het besluit wordt genomen met algemene stemmen van alle in functie zijnde bestuurders.
  4. Erfstellingen mogen slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.

Bestuur: vergaderingen
Artikel 5

  1. De vergaderingen van het bestuur worden gehouden in Nederland op de plaats als bij de oproeping is bepaald.
  2. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar wordt een vergadering van het bestuur (de jaarvergadering) gehouden, waar in elk geval aan de orde komt de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten.
  3. Voorts worden vergaderingen gehouden, wanneer één van de bestuurders daartoe de oproeping doet.
  4. De oproeping tot een vergadering geschiedt ten minste zeven dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend, door middel van een oproepingsbrief.
  5. Een oproepingsbrief vermeldt, behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen.
  6. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter. Indien deze afwezig is voorzien de aanwezige bestuurders in de leiding van de vergadering. Tot dat moment wordt de vergadering geleid door de in leeftijd oudste aanwezige bestuurder.
  7. De secretaris notuleert de vergadering. Bij afwezigheid van de secretaris wordt denotulist aangewezen door degene die de vergadering leidt. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en notulist
    hebben gefungeerd. De notulen worden vervolgens bewaard door de secretaris.
  8. Toegang tot de vergaderingen van het bestuur hebben de in functie zijnde bestuurders en degenen die daartoe door het bestuur zijn uitgenodigd.

Bestuur: besluitvorming
Artikel 6

  1. Het bestuur kan in een vergadering alleen besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. Een bestuurder kan zich in een vergadering door een andere bestuurder laten vertegenwoordigen nadat een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter van de vergadering voldoende, volmacht is afgegeven. Een bestuurder kan daarbij slechts voor één andere bestuurder als gevolmachtigde optreden.
  2. Is in een vergadering niet de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd dan wordt een tweede vergadering bijeengeroepen, te houden niet eerder dan twee en niet later dan vier weken na de eerste vergadering. In
    deze tweede vergadering kan ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders worden besloten omtrent de onderwerpen welke op de eerste vergadering op de agenda waren geplaatst. Bij de oproeping tot de tweede vergadering moet worden vermeld dat en waarom een besluit kan worden genomen ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders.
  3. Zolang in een vergadering alle in functie zijnde bestuurders aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.
  4. Het bestuur kan met algemene stemmen ook buiten vergadering besluiten nemen. Van een aldus genomen besluit wordt door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na mede-ondertekening door de voorzitter als notulen wordt bewaard.
  5. Iedere bestuurder heeft het recht tot het uitbrengen van één stem. Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
  6. Alle stemmingen in een vergadering geschieden mondeling, tenzij één of meer bestuurders vóór de stemming een schriftelijke stemming verlangen. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
  7. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  8. In alle geschillen omtrent stemmingen beslist de voorzitter van de vergadering.

Bestuur: defungeren
Artikel 7

Een bestuurder defungeert:
a. door zijn overlijden;
b. door het verlies van het vrije beheer over zijn vermogen;
c. door zijn aftreden (al dan niet volgens het in artikel 3 bedoelde rooster van aftreden);
d. door ontslag op grond van artikel 2:298 Burgerlijk Wetboek;
e. door zijn toetreding tot de raad van aanbeveling.

Vertegenwoordiging
Artikel 8

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting.
  2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende bestuurders.
  3. Tegen een handelen in strijd met artikel 4, leden 2 en 3 kan tegen derden beroep worden gedaan.
  4. Het bestuur kan volmacht verlenen aan één of meer bestuurders, alsook aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.

Raad van aanbeveling
Artikel 9

  1. De stichting kent een raad van aanbeveling zodra het bestuur daartoe besluit. De raad van aanbeveling heeft tot taak de algemene gang van zaken in de stichting te bevorderen. Leden van de raad van aanbeveling dienen een autoriteit te zijn op een specifiek vakgebied dat valt onder doelstelling van de stichting of zich te onderscheiden door een hoge maatschappelijke statuur.
  2. De raad van aanbeveling bestaat uit een door het bestuur vast te stellen aantal natuurlijke personen.
  3. De leden van de raad van aanbeveling worden aangezocht, aangesteld en uit hun lidmaatschap ontheven door het bestuur.
  4. De leden van de raad van aanbeveling kunnen geen deel uitmaken van het bestuur.
  5. Het bestuur verschaft de raad van aanbeveling de noodzakelijke gegevens en voorts aan ieder lid van de raad alle inlichtingen betreffende de aangelegenheden van de stichting die deze mocht verlangen. De raad van aanbeveling is bevoegd inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de stichting.

Gemeenschappelijke vergadering van het bestuur en de raad van aanbeveling
Artikel 10

  1. Ten minste één maal per jaar komen het bestuur en de raad van aanbeveling in gemeenschappelijke vergadering bijeen ter bespreking van de algemene lijnen van het gevoerde en in de toekomst te voeren beleid.
  2. Tot de bijeenroeping van een gemeenschappelijke vergadering zijn het bestuur en de raad van aanbeveling gelijkelijk bevoegd.
  3. De gemeenschappelijke vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Indien deze afwezig is voorzien de aanwezige bestuurders enleden van de raad van aanbeveling in de leiding van de vergadering. Tot dat moment wordt de vergadering geleid door het in leeftijd oudste aanwezige lid van het bestuur.

Boekjaar en jaarstukken
Artikel 11

  1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.
  2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles betreffende de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend.
  3. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de stichting te maken, op papier te stellen en vast te stellen. De vastgestelde stukken worden binnen één maand na de vaststelling ook aan de raad van aanbeveling toegestuurd. Het bestuur heeft de bevoegdheid opdracht te geven om de balans en de staat van baten en lasten te doen onderzoeken door een door het bestuur aan te wijzen registeraccountant, accountantadministratieconsulent dan wel een andere deskundige in de zin van artikel 2:393 Burgerlijk Wetboek. Deze deskundige brengt omtrent zijn onderzoek verslag uit aan bestuur en geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring omtrent de getrouwheid van de in het vorige lid bedoelde stukken.
  4. Het bestuur is verplicht de in de voorgaande leden bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren.
  5. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave der gegevens en deze gegevens gedurende de volledigebewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.
  6. Het bestuur stelt een éénjarig of meerjarig beleidsplan op, dat inzicht geeft in de manier waarop de stichting het werk uitvoert om haar doelstelling te bereiken.
  7. Het beleidsplan geeft inzicht in:
    - het werk dat de stichting doet;
    - de manier waarop de stichting geld verwerft;
    - het beheer van het vermogen van de stichting;
    - de besteding van het vermogen van de stichting.
    De kosten voor werving van geld en beheers kosten moeten in redelijke verhouding staan tot de bestedingen.

Reglement
Artikel 12

  1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen waarin die onderwerpen worden geregeld, die naar het oordeel van het bestuur (nadere) regeling behoeven.
  2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.
  3. Het bestuur is bevoegd het reglement te wijzigen of te beëindigen.
  4. Op de vaststelling, wijziging en beëindiging van het reglement is het bepaalde in artikel 13 lid 1 van toepassing.

Statutenwijziging
Artikel 13

  1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Een besluit tot statutenwijziging moet met algemene stemmen worden genomen in een vergadering waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
  2. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. lederebestuurder afzonderlijk is bevoegd de desbetreffende akte te doen verlijden.
  3. De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister.

Ontbinding en vereffening
Artikel 14

  1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden.
  2. Het besluit van het bestuur tot ontbinding moet met algemene stemmen worden genomen in een vergadering waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigdzijn.
  3. Indien het bestuur besluit tot ontbinding wordt tevens de bestemming van het liquidatiesaldo vastgesteld. In andere gevallen van ontbinding wordt de bestemmingvan het liquidatiesaldo door de vereffenaars vastgesteld. Het liquidatiesaldo dient te
    worden besteed aan een doel dat het algemeen belang dient en moet in lijn zijn met de doelstelling van de stichting.
  4. Na ontbinding geschiedt de vereffening door de bestuurders, tenzij bij het besluit tot ontbinding anderen tot vereffenaars zijn aangewezen.
  5. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende de bij de wet voorgeschreven termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon.
  6. Op de vereffening zijn overigens de bepalingen van Titel 1, boek 2 van het BurgerlijkWetboek van toepassing.

Slotbepalingen
Artikel 15

  1. In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.
  2. Onder schriftelijk en/of oproepingsbrief wordt in deze statuten verstaan elk via de gangbare communicatiekanalen overgebracht bericht, waarvan uit geschrift blijkt.

Slotverklaring

Ten slotte verklaarden de comparanten:

  1. dat bij deze oprichting:
    a. het bestuur bestaat uit twee bestuurders, het bestuur zal zo spoedig mogelijk zorgdragen voor het benoemen van een derde bestuurslid;
    b. voor de eerste maal zijn bestuurders, in de achter hun naam vermelde functie:
    1. mevrouw Helen Antonetta Paulien Le Roy, voornoemd, in de functie van voorzitter;
    2. mevrouw Jonkvrouw Veronica Quarles Van Ufford, voornoemd, in de functie van secretaris;
    c. het adres van de stichting is: Oude Tempellaan 48, 3769 Je Soesterberg (gemeente Soest).
  2. Het eerste boekjaar van de stichting eindigt op éénendertig december tweeduizend dertien.

WAARVAN AKTE is verleden te Haarlemmermeer op de datum in het hoofd van deze akte
vermeld. De comparanten zijn mij, notaris, bekend. De zakelijke inhoud van de akte is aan henopgegeven en toegelicht. De comparanten hebben verklaard in te stemmen met beperktevoorlezing van de akte en tijdig voor het verlijden een conceptakte te hebben ontvangen en van de inhoud van de akte te hebben kennis genomen en te zijn gewezen op de gevolgen, die voor partijen uit de akte voortvloeien. Deze akte is beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna ondertekend, eerst door de comparanten en vervolgens door mij, notaris.